ds. J. F. Kroon

De tijden van de dag

en de tijden van je leven

Wanneer denk je vaker aan God, ’s morgens of ’s avonds? Op welk tijdstip van de dag bent u het meest godsdienstig of religieus?

Ik denk dat er bij ons ’s avonds meer wordt gebeden dan ’s ochtends. De avond leent zich het beste voor een moment van inkeer en verstilling.
’s Ochtends moet er immers altijd zoveel gebeuren. De nieuwe dag met zijn volle agenda eist al je aandacht op. En God komt er niet aan te pas. Bovendien: bij daglicht heb je het gevoel zelf heer en meester te zijn, alles onder controle te houden. Maar ’s avonds wordt dat anders. Dan kun je nog wel eens naar bescherming zoeken voor de spoken van het donker. Kortom: we hebben liever een geleide door de nacht dan een gids voor overdag.

Het Psalmenboek begint echter heel anders. Psalm 3 is een ochtendgebed, Psalm 4 een avondbede en Psalm 5 weer een gebed in de morgen. In die Psalmen klinkt de stem van David, die op de vlucht is. In die problematische situatie zoekt en vindt hij steun bij God.

Wat kun je daarvan leren? Allereerst dat God een houvast is, als alles wankelt in je bestaan. Dat heeft David ook gemerkt.

Maar die volgorde van Psalm 3, 4 en 5 is ook veelzeggend. Van de ochtend naar de avond, en dan weer een nieuwe morgen. In het vroege ochtenduur breng je dank aan God, ’s avonds leg je het leven weer in Gods handen terug, om het de volgende ochtend weer uit zijn handen terug te ontvangen. Een ketting die levenslang doorloopt. Op de verschillende tijden van de dag, en op de verschillende tijden van je leven.

Mij zet dat aan het denken. Één van de (vele) dingen die we kunnen opsteken van het Jodendom is: je bidt niet alleen maar als je behoefte hebt of als je wat te vragen hebt. Bidden is een vorm van omgang met God, even noodzakelijk als ademhalen en eten en drinken.  Psalm 3, 4 en 5 maken dat heel mooi duidelijk.
Er is geen tijdstip van de dag, dat God er niet toe doet. De regelmaat van die discipline kan ook ons in 2019 veel zegen geven! Wie de tijden van het leven doorloopt aan de hand van God en in nauwe verbondenheid met de Opgestane Heer van Pasen (Mattheüs 28:20), is nooit alleen en weet waarop hij of zij zich kan oriënteren.

Bij ds.Sytze de Vries las ik een mooie vergelijking (afkomstig van de kerkmusicus Frits Mehrtens): de Psalmen kun je vergelijken met een antislipcursus. Wie getrouw de Psalmen zingt, leest of bidt, wie zo van de ochtend tot de avond omgang houdt met God, leert allerhande technieken aan, bij mooi weer. Om ooit, bij slecht weer, niet uit de bocht te hoeven vliegen!

Ds. J.F. Kroon