Tsjikke Bloem

Overdenking

‘Het zijn slechte tijden! Het zijn moeilijke tijden! Dat zeggen de mensen tenminste. Laten we liever goed leven, dan worden de tijden vanzelf goed. Wij zijn de tijden. Zoals wij zijn, zo zijn de tijden.’

Augustinus van Hippo, Sermo 80

Dit citaat uit een preek van Augustinus las ik kortgeleden en het trof mij. Juist nu er zoveel gaande is in de wereld, zakt de moed je wel eens in de schoenen. Waarom? Waarom moet er zoveel leed zijn in deze wereld, waarom is er zoveel gebrokenheid? Wat kan ik doen? Kan ik iets doen? Vragen die bij mij op komen.

Het zijn grote vragen waar je ook niet zomaar een antwoord op kunt vinden.

Dit citaat van Augustinus leert mij dat we niet om onszelf heen kunnen, we moeten in beweging komen en blijven. Bewegen om het goede te doen, de goede keuzes te maken en elkaar aansporen en inspireren om het goede te willen doen. Niet enkel en alleen voor onszelf, maar juist voor de ander, de vreemdeling, diegene die geen liefde kent en hopeloos en alleen door deze wereld trekt. Dit citaat laat een vonkje hoop zien, dat we ertoe doen, dat ons leven ertoe doet en dat we mogen geloven dat we het verschil kunnen maken. Dat onze geschiedenis op aarde niet herhaald wordt en dat we als mensen niet overgeleverd zijn aan de tijd. Dat we niet onze schouders op hoeven te halen en zeggen, het is nou eenmaal zo, we kunnen er niks aan doen.

Het citaat uit de preek van Augustinus gaat namelijk verder. Hij schrijft: Maar wat doen wij eraan? … Waarom teleurgesteld zijn, waarom mopperen op God? Er is een overvloed aan slechte dingen in de wereld om te voorkomen dat we de wereld beminnen. … De wereld is slecht, jazeker, slecht. Maar we beminnen haar alsof ze goed is. Wat is er dan zo slecht aan de wereld? Want de hemel, de aarde en het water zijn niet slecht, en alles wat daarin is, vissen, vogels, bomen, ook niet. Al die dingen zijn goed. Nee, het zijn de slechte mensen die de wereld slecht maken. Maar omdat we die slechte mensen zolang we leven, nu eenmaal niet kunnen ontlopen, moeten we een diepe verzuchting slaken naar God onze Heer, en het slechte verdragen om het goede te bereiken. Laten we het ons Gezinshoofd niet aanrekenen, want Hij is goed voor ons. Hij draagt ons, en niet wij Hem. Hij weet hoe Hij zijn schepping moet besturen. Doe wat hij beveelt, en hoop op wat Hij belooft.

Hopelijk zijn het woorden die u en jou mogen inspireren in deze tijden van onzekerheid. Graag sluit ik af met de woorden die ik nog niet heb benoemd, maar die helemaal voor het bovenste citaat behoren te staan: ‘En daarom zeg ik, broeders en zusters: bid zoveel u kunt’.

Tsjikke Bloem